Vraag: recreatiewoning als hoofdverblijf?

Ik heb een vraag over de aankoop van een recreatiewoning. Situatie: wij willen een woning kopen die door de gemeente is aangemerkt als recreatiewoning. Wij mogen daar het hele jaar recreeren. Als wij ons nu laten inschrijven op een ander adres (bij mijn schoonouders) in een andere gemeente, lijkt mij dat geen probleem om hier toch het hele jaar te wonen. We hebben immers een ander woonadres. Als we op deze basis de woning kopen (dus dit wordt onze eerste en enige hypotheek) kunnen we dan toch gebruik maken van de aftrek van de hypotheekrente in het nieuwe belastingstelsel? Ziet de belastingsdienst dit als ons hoofdverblijf? Heeft u verder nog tips waar we op moeten letten voor we tot aankoop overgaan?

R.R. de J. te N.

De Belastingdienst kijkt voor beoordeling van uw inkomen naar feitelijke omstandigheden. Heeft u uw hoofdverblijf in een recreatiewoning, dan mag u dus de hypotheekrente aftrekken.

Natuurlijk ziet de Belastingdienst wel dat u volgens het bevolkingsregister van de gemeente niet woont in de woning die u haar opgeeft als hoofdverblijf. U stipt al aan dat het materieel van betekenis is, met de wijzigingen die wij momenteel nog per 2001 verwachten. Je kunt er dus op rekenen dat u daar vragen over krijgt. U zult uw verhaal geloofwaardig moeten maken, bijvoorbeeld aan de hand van bankafschriften en rekeningen voor telefoon en abonnement op een krant (niet alleen in het vakantieseizoen).

Er is geen (legale) terugkoppeling van Belastingdienst naar gemeente. Toch moet u zich voorbereiden op extra slimmige ambtenaren. Hoe onaardig kan de gemeente doen als blijkt dat u daar illegaal woont? Daar kan ik niets zinnigs over zeggen, maar het lijkt mij verstandig een noodscenario te ontwikkelen.

Realiseert u zich dat uw constructie ook consequenties kan hebben voor uw schoonouders. Zoals voor u aftrek van hypotheekrente belangrijk is, is van belang dat zij geen bijtelling voor kamerverhuur krijgen.

Tip: zorg voor een goede brandverzekering. Recreatiewoningen zijn vaak minder brandwerend dan gewone woningen. Er is een samenhang tussen brandwerendheid en (weigering tot) afgifte van woonvergunningen.

© Jeroen van Rossum, 3 maart 2000.