Vraag: Beschermd Ondernemen voor VOF in workshops en trainingen?

Sinds enige tijd verdiep ik me in de vraag hoe bepaalde werkzaamheden uit te besteden zonder dat er sprake is van een (fictief) dienstverband. Inmiddels heb ik alle relevante artikels op uw site gelezen en tevens advies van 2 adviseurs van de KvK hierover gehad, echter een afdoende antwoord heb ik nog niet gevonden op ons probleem. Allereerst een korte schets van de situatie. Ons bedrijf (VOF, 4 partners) leidt o.a. workshops en trainingen voor bedrijven. Bij deze workshops willen we wanneer nodig putten uit een poule van brainstormers, tekenaars, sessieleiders, acteurs etc om bij te dragen aan een bepaalde opdracht. Deze mensen worden specifiek gevraagd omwille van hun expertise (bijv bij brainstormers: ze hebben specialistische kennis op een bepaald gebied). In principe gaat het steeds om eenmalige werkzaamheden, zeg 6 uur per persoon per keer en bijvoorbeeld eens per persoon per maand. Het probleem is dat we voor deze zes uur die iemand bijdraagt aan een opdracht niet direct deze persoon in dienstverband willen krijgen met alle tijd en geld die hiermee gepaard gaan (overstijgt die zes uur ruimschoots). Bovendien staat zeker niet vast dat deze persoon nogmaals gevraagd zal worden (omdat het in principe alleen voor deze opdracht geldt). Complexe situatie dus: Kort verband, geen vaststaande frequentie waarin werkzaamheden worden verricht (hangt af of er een opdracht binnenkomt waaraan ze bij zouden kunnen dragen) en volgens mij is er ook niet sprake van een gezagsverhouding. Ze hebben in principe vrije keuze of ze het willen doen en hoe ze er invulling aan geven. Naast bovenstaande activiteiten / personen, zouden we zo nu en dan een student (eenmalig of in een frequentie van eens per maand) in 4 tot 6 uur een verslag willen laten uittypen van een workshop. Hier gaat het minder om specifieke kennis, maar wel geldt dat er eenmalige korte werkzaamheden zijn. Van alle personen is het merendeel niet ingeschreven bij KvK en tevens heeft het merendeel geen drie of meer werkgevers. Concluderend heb ik de volgende twee vragen. [1] Is er (in enkele van de beschreven gevallen) sprake van een dienstverband? Zo ja, hoe is dit te vermijden? [2] Biedt uw formule van Beschermd Ondernemen ons een oplossing? En wat zijn de alternatieven?

G. V. te Delft

De wetgeving rond deze materie is voortdurend in beweging, en daarmee is de kern van het probleem geschetst. U zult van niemand zekerheid krijgen over waar u echt aan toe bent. Afwachten tot de gedachten geordend zijn heeft geen zin, want er zal altijd over gesteggeld worden. Zo zijn er nu regelingen voor januari 2001 aangekondigd, maar het zou mij bijzonder verbazen als wij medio 2001 kunnen constateren dat freelancers materieel aan wenselijke rechtszekerheid geholpen zijn. Bovendien: wilt u wel zo lang wachten?

Momenteel is de gedachte dat de vier gelijkwaardige partners van uw VOF niet verplicht verzekerd zijn, mits niet vooraf aan de opdrachtgever gemeld wordt welke van de vier partners de werkzaamheden uit zal gaan voeren. Deze gedachte zou ik in uw situatie vasthouden tot eind 2000, om dan te evalueren hoe de gedachten van wet- en regelgevers zich ontwikkeld hebben. Mogelijk wordt u reeds eerder (door opdrachtgevers) gedwongen de bakens te verzetten. Geeft u het GAK de ruimte om te stellen dat de opdrachtgever koos voor die ene specifieke uitvoerder, dan loopt u het risico dat een fictieve arbeidsovereenkomst gesteld wordt.

In jurisprudentie uitgekristalliseerd is dat ieder ander wel verplicht verzekerd is. Wie het risico draagt aangesproken te worden voor afdracht van de verzekeringspremies is relatief subjectief in te vullen door het GAK (dat voortdurend poogt de jurisprudentie op te rekken). U kunt als VOF (of via een omweg persoonlijk) aangesproken worden omdat u te beschouwen bent als fictief werkgever, maar ook omdat u te beschouwen bent als tussenpersoon (in beide gevallen betaalt u). Met een beetje pech kan uw opdrachtgever aangesproken worden, die dan natuurlijk zijn beklag bij en over u zal doen. In enkele branches zijn convenanten van kracht die freelancers de mogelijkheid geven bij het GAK een zelfstandigheidsverklaring aan te vragen. De ervaring leert echter dat het vooral veel papierdiarree betekent en niet snel zekerheid gegeven wordt. Of een afgegeven zelfstandigheidsverklaring gerespecteerd wordt bij het verrichten van werkzaamheden in andere branches (zoals de uwe) is de vraag.

De formule Beschermd Ondernemen is een perfecte oplossing voor het probleem, omdat wij zelf al duidelijkheid scheppen: er is sprake van een arbeidsverhouding waarbij premies sociale verzekeringen worden afgedragen over het salaris. Aan de kant van de freelancer kunnen binnen deze formule bedrijfskosten betaald worden uit de omzet (in plaats van uit een netto salaris) en wordt na afloop van het jaar middels een winstdeling afgerekend op basis van werkelijke kosten, zodat de freelancer het zo gewenste gevoel behoudt zelf verantwoordelijk te zijn voor eigen daden en falen. Groeit een freelancer (die met Beschermd Ondernemen werkt), dan blijft onze organisatie hem of haar graag administratief ondersteunen, ook al heeft de freelancer natuurlijk alle vrijheid om met een andere boekhouder in zee te gaan.

Waar u niet de intentie heeft de freelancer te beschouwen als ondernemer (maar als een flexibel inzetbare arbeidskracht zonder eigen gereedschap en ondernemingskosten) kunt u gebruik maken van een andere dienst door de zelfde organisatie: payrolling. Dit betekent in wezen dat u als opdrachtgever houder bent van een opbrengstplaats (in plaats van de Beschermd Ondernemer zelf). Alle in de loop van het jaar door u betaalde bedragen die volgens een nacalculatie niet nodig zijn voor dekking van de kosten worden dan aan u als opdrachtgever gerestitueerd. Dit is overigens een deel van de achtergrond van onze organisatie: begin jaren negentig opgezet als (Ministerieel erkend) uitzendbureau vormt deze voor kleine ondernemers een buffer tegen anders onverzekerbare risico's rondom personeel (zoals eigen risico ziekteverzuim).

© Jeroen van Rossum, 20 juni 2000.