HOME
 

 
Link naar ouder blog

Link naar HOME

Link naar recenter blog

Hoe bereken je het BEP (break even point)?

Samenvatting

De volgende cijfers zijn gegeven

aantal

productiekosten

verkoopopbrengst

300

EUR 18.000

EUR 15.000

500

EUR 22.000

EUR 25.000

Vul in onderstaand schema alle velden in, van licht naar donker (rood hoeft niet ingevuld).


 

aantal

kosten

vaste kosten

variabele kosten

opbrengst A

marge A

gegeven


 

 

 

 

 

 

gegeven


 

 

 

 

 

 

verschil


 

 

 

 

 

 

norm n=1

1


 

 

 

 

 

BEP A


 

 

 

 

 

 

Volledig ingevuld ziet het er als volgt uit.


 

aantal

kosten

vaste kosten

variabele kosten

opbrengst A

marge A

gegeven

300

EUR 18.000

EUR 12.000

EUR 6.000

EUR 15.000

EUR 9.000

gegeven

500

EUR 22.000

EUR 12.000

EUR 10.000

EUR 25.000

EUR 15.000

verschil

200

EUR 4.000


 

 

EUR 10.000


 

norm n=1

1


 

 

EUR 20

EUR 50

EUR 30

BEP A

400

EUR 20.000

EUR 12.000

EUR 8.000

EUR 20.000

EUR 12.000

Praktijkvoorbeeld

Een nieuw product ontwikkelen is leuk. Je bent immers creatief bezig met de functies, het gebruik, wat er allemaal nodig is, de vorm, hoe graag klanten jouw apparaat kopen. Voorzie je dat jouw product te weinig verkocht gaat worden (om uit de kosten te komen), dan steek je er beter geen geld in.

Soms krijg je als reactie van klanten dat ze jouw apparaat niet kopen omdat het te duur is. Dan is het heel verleidelijk om een lagere verkoopprijs te vragen, zodat je meer klanten over de streep trekt. Nadeel is dat je veel grotere aantallen moet verkopen om uit de kosten te raken. 

Je kosten bestaan altijd voor een deel uit variabele kosten, de kosten die je maakt om een extra exemplaar te produceren. Dat zijn materiaalkosten, maar ook verpakking en transport.

Een ander deel van je kosten bestaat uit constante kosten. Vaak moet je rekenen met constante kosten (of vaste kosten) als jaarlijks gegeven. Je constante kosten kunnen bestaan uit de huur van je pand, personeelskosten of adverteren.

Bij productontwikkeling moet je rekening houden met de levensduur of levenscyclus. Blijven mensen behoefte houden om jouw product te kopen, dan is de kans groot op concurrentie van een extreem veel goedkopere concurrent. En soms verandert ook gewoon de mode, waardoor mensen geen belangstelling meer hebben voor jouw mooie apparaat. Een vuistregel is dat het heel gezond is om rekening te houden met een levensduur van drie jaar. Uitgaande van die periode kun je berekenen wat je totale kosten zullen zijn, inclusief ontwikkelkosten. En waar het ons uiteindelijk om gaat: hoeveel stuks moet je minimaal verkopen om je ontwikkelkosten terug te verdienen?

Wat we in dit stukje niet behandelen is hoe je bepaalt wat klanten willen betalen voor jouw artikel, en welk volume je dan kunt verkopen. Dat is marketing, en we richten ons nu even op het bedrijfseconomische deel. Wat wij hier wel berekenen is wat de consequenties zijn voor benodigde afzet om kiet te draaien bij verschillende uitkomsten van de marketing.

Na wat rekenwerk heb jij de volgende tabel met bedragen berekend.

aantal

productiekosten

verkoopopbrengst

300

EUR 50.400

EUR 42.000

500

EUR 61.600

EUR 70.000

Lees eerst alle vragen door die over dit onderwerp gesteld worden. Op proefwerken en examens worden soms subvragen gesteld, waarvan je het antwoord gebruikt om het antwoord op een andere vraag te berekenen.

Vragen

  1. Wat zijn je variabele kosten per stuk?
  2. Wat is je break even point?
  3. Wat is je percentage bruto marge van de verkoopprijs?
  4. Wat wordt je break even point als je de bruto marge stelt op 30% van de verkoopprijs?

Oplossing

Wen jezelf aan dat je altijd al je berekeningen zo uitschrijft op een kladpapier dat jij en iemand anders begrijpt wat je hebt uitgerekend.

In deze opgave hebben we maar twee regels met gegevens. Dat is voldoende om mee te rekenen. Staan er in een opgave meer regels, selecteer er dan twee met makkelijke getallen. De bovenste twee regels zijn vaak goed genoeg.

Wees op het volgende bedacht: in een tabel gegeven met meer dan twee regels verandert de verhouding tussen kolommen soms. Probeer daarop te controleren. Selecteer dan de twee regels de de tabel die net boven en net onder het (verwachte) BEP liggen.

Teken nu zelf op je kladpapier een schema om te vullen met getallen.


 

aantal

kosten

vaste kosten

variabele kosten

opbrengst A

marge A

opbrengst B

marge B

gegeven

300

EUR 50.400

EUR 33.600

EUR 16.800

EUR 42.000

EUR 25.200


 

 

gegeven

500

EUR 61.600

EUR 33.600

EUR 28.000

EUR 70.000

EUR 42.000


 

 

verschil

200

EUR 11.200


 

 

EUR 28.000


 

 

 

norm n=1

1


 

 

EUR 56

EUR 140

EUR 84

   

BEP A

4

EUR 56.000

EUR 33.600

EUR 22.400

EUR 56.000

EUR 33.600


 

 

BEP B

       
 

 
   

Herken dat ik meer kolommen heb ingetekend dan er in de opgave stonden. Die extra kolommen gebruiken wij voor ons eigen gemak en overzicht.

Nu gaan we rekenen. Let er op dat we op regel "norm n=1" berekenen wat marginale kosten en baten van een extra stuk zijn.


 

aantal

kosten

vaste kosten

variabele kosten

opbrengst A

marge A

opbrengst B

marge B

gegeven

300

EUR 50.400

EUR 33.600

EUR 16.800

EUR 42.000

EUR 25.200


 

 

gegeven

500

EUR 61.600

EUR 33.600

EUR 28.000

EUR 70.000

EUR 42.000


 

 

verschil

200

EUR 11.200


 

 

EUR 28.000


 

 

 

norm n=1

1


 

 

EUR 56

EUR 140

EUR 84

   

BEP A

400

EUR 56.000

EUR 33.600

EUR 22.400

EUR 56.000

EUR 33.600


 

 

BEP B

       
 

 
   

Op de laatste regel die wij net berekend hebben zie je het BEP staan. Het break even point bereiken we dus bij 400 stuks.

Als extra complicatie was er nog een vierde vraag, typisch wat je in de praktijk meemaakt, waar je een alternatief scenario voor moet doorrekenen. "Wat als we de marge nu eens verlagen tot 30%?" Misschien herken je al dat dit een halvering van de marge betekent. Vraag is echter welk break even point daar bij hoort. Vul dat eens in.

We weten al dat de variabele kosten 56 euro per stuk zijn. Dat moet nu na aftrek van 30% bruto marge. Maak de rekensom 56 euro / ( 100% - 30% ) = 56 / 0,7 = 80 euro. Klopt dit cijfer? De marge is 30% x 80 euro is 24 euro, 80 euro verkoopprijs -/- 24 euro marge is 56 euro variabele kosten. Ja, allemaal bekende getallen.

Nu vullen we ook de blauw / groene velden in.


 

aantal

kosten

vaste kosten

variabele kosten

opbrengst A

marge A

opbrengst B

marge B

gegeven

300

EUR 50.400

EUR 33.600

EUR 16.800

EUR 42.000

EUR 25.200


 

 

gegeven

500

EUR 61.600

EUR 33.600

EUR 28.000

EUR 70.000

EUR 42.000


 

 

verschil

200

EUR 11.200


 

 

EUR 28.000


 

 

 

norm n=1

1


 

 

EUR 56

EUR 14.000

EUR 8.400

EUR 80

EUR 24

BEP A

400

EUR 56.000

EUR 33.600

EUR 22.400

EUR 56.000

EUR 33.600


 

 

BEP B


 

 

EUR 33.600


 

 

 

 

EUR 33.600

Als we nu weten hoeveel keer we EUR 24 marge moeten verdienen om EUR 33.600 vaste kosten terug te verdienen, kennen we het alternatieve BEP en kan de laatste regel ingevuld worden als controle of we geen opvallende rekenfouten hebben gemaakt.


 

aantal

kosten

vaste kosten

variabele kosten

opbrengst A

marge A

opbrengst B

marge B

gegeven

300

EUR 50.400

EUR 33.600

EUR 16.800

EUR 42.000

EUR 25.200


 

 

gegeven

500

EUR 61.600

EUR 33.600

EUR 28.000

EUR 70.000

EUR 42.000


 

 

verschil

200

EUR 11.200


 

 

EUR 28.000


 

 

 

norm n=1

1


 

 

EUR 56

EUR 140

EUR 84

EUR 80

EUR 24

BEP A

400

EUR 56.000

EUR 33.600

EUR 22.400

EUR 56.000

EUR 33.600


 

 

BEP B

1.400

EUR 112.000

EUR 33.600

EUR 78.400


 

 

EUR 112.000

EUR 33.600

Je ziet dat wij ons break even point nu pas bereiken bij 1.400 stuks. We moeten dus 250% meer (3,5 keer zo veel) apparaten verkopen om geen geld te verliezen. Kijk nog maar eens na welke prijselasticiteit dit vereist.

Jeroen van Rossum, 16 april 2021.

Logo van ENOTEAM Administratiekantoor

De redactie van ESK belicht actuele kwesties. Wij leggen het verband tussen (fiscale) wetgeving en ondernemen, maar een persoonlijke opinie steken wij niet onder stoelen of banken. Als lezer kun je vragen per email aan vraag@esk.nl stellen. Wij doen ons best om juiste en accurate informatie te geven, maar zijn niet aansprakelijk voor eventuele fouten of verkeerde interpretaties.

Waarschuwing: wat waar is als het wordt geschreven kan achterhaald raken door ontwikkelingen in wetgeving, techniek en economie. Raadpleeg daarom altijd een professional voordat je grote beslissingen neemt. De kosten om een deskundige in te huren wegen niet op tegen de kosten van een miskleun.