Vraag: hoe moet ik als starter omgaan met de 'sollicitatieplicht'?

Per 1 januari 2000 ben ik werkloos. Ik krijg een ww uitkering. Mijn vrouw gaat proberen om, na een spoedcursus, vanaf 1 september 2001 in het onderwijs aan de slag te gaan. Ik ben van plan om over enkele maanden voor me zelf te gaan beginnen. Dit zal op zeer bescheiden schaal zijn (ca. 750,- tot 1000,- per maand netto). Hoe moet ik omgaan met de 'sollicitatieplicht' en het eventueel inhouden van uitkering, daar ik in feite niet wil solliciteren?

G. V. te Utrecht.

Inzake sollicitatieverplichtingen ben ik niet gespecialiseerd, maar enkele algemene punten kan ik u wel noemen.

Hoe de sollicitatieplicht precies luidt is afhankelijk van uw leeftijd. Bent u ouder dan zevenenvijftig jaar, dan wordt er over het algemeen niet moeilijk gedaan. Bent u jonger, dan wordt meestal wel gevraagd om serieus te solliciteren. Tegenwoordig bestaat de onhebbelijke gewoonte navraag bij door u benaderde bedrijven te doen hoe serieus u zich inspande 'de baan' te krijgen.

Begint u een eigen bedrijf, dan moet u er serieus rekening mee houden dat uw uitkering volledig wordt gestaakt. Ook al heeft u geen klant, het feit dat u een werkruimte beschikbaar heeft waar u bedrijfsmatige activiteiten zou kunnen uitvoeren kan gerekend worden als het niet meer beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt. Te bezopen om waar te zijn, maar wel passend binnen de gedachtengang van mensen die nooit anders zullen kennen dan de veiligheid van een baas die iedere maand een vaste hoeveelheid centjes op tafel legt.

Wat wel geaccepteerd (en zelfs gewaardeerd) wordt is het aannemen van opdrachten als uitzendkracht. U toont er mee aan beschikbaar te zijn voor u aangeboden werk. Wij hebben daar gebruik van gemaakt door de formule Beschermd Ondernemen te ontwikkelen. Voor de buitenwacht herkenbaar als uitzendbureau, maar intern functionerend als een koepel over een groep freelancers. Bedrijfskosten worden natuurlijk rechtstreeks uit de omzet betaald en waar dat mogelijk is putten we de mogelijkheden uit om belastingvrije betalingen te doen (zodat er zo min mogelijk belasting betaald behoeft te worden, met als neveneffect dat er zo min mogelijk op uw uitkering gekort wordt).

Wat er van uw uitkering wordt gekort is afhankelijk van uw inkomen. Er bestaat een relatieve vrijheid om te sturen: zeventig procent van uw inkomen uit verrichte werkzaamheden of de volledige uitkering van dagen waarop gewerkt is. Die laatste optie is vaak interessant omdat de uitkering meestal veel lager is dan het verdiende inkomen.

© Jeroen van Rossum, 3 januari 2001.