Vraag: bij welk break-even-point is een auto van de zaak voordeliger?

Kunt u mij nadere informatie verschaffen over het onderwerp auto en ondernemer? Is er een “break-even-point” wanneer het voordeliger is een auto van de zaak dan wel een auto in privé te hebben, mede gezien de van de winst aftrekbare kosten e.d.?

A. S. te Voorst.

Ja, voor iedere auto is te berekenen onder welke omstandigheden het voordeliger is de auto privé dan wel zakelijk te hebben. Voor wie denkt er met een eenvoudige formule uit te komen: helaas, het blijft creatief met kurk rekenen. Tegen vergoeding van honorarium help ik u graag met een berekening, maar om u een idee te geven beschrijf ik waar rekening mee gehouden moet worden.

Ingrediënten voor de berekening treft u aan op verschillende vlakken: aantallen kilometers per fiscale categorie, de hier uit volgende fictieve bijtelling en de feitelijke kosten.

De feitelijke kosten bestaan uit verschillende componenten. Bij huren of leasen volgt u de offerte, bij kopen moet u alle componenten zelf schatten. Zelf reken ik voor drie jaar meestal een procent afschrijving per maand en een kwart procent per duizend kilometer, waarbij ik de afschrijving met een annuïteit en de restsom voor uitsluitend de rente neem en de rente op een procent per maand gesteld wordt. Tel daar motorrijtuigenbelasting (afhankelijk van Provincie en gewicht) bij op, evenals verzekering en onderhoud (de prijs van een onderhoudsabonnement is vaak maatgevend) en u heeft een bedrag per maand dat met leasen te vergelijken is. Tot slot berekent u het aantal liters brandstof dat bij het te rijden aantal kilometers hoort, evenals de brandstofprijs.

Is nu de werkelijke integrale prijs per kilometer hoger dan ƒ 0,60 dan is een auto van de zaak vermoedelijk goedkoper dan privé. Ligt de prijs per kilometer lager, dan hangt het af van het aantal kilometers woon-werkverkeer, want die mogen niet voor het volle pond vergoed worden. Rijdt u een auto die in de winkel meer dan dertigduizend gulden kost, dan is het zelden voordelig om de auto privé te houden. Tenzij u in tweedehandsauto's rijdt, want dan gaan componenten cataloguswaarde en (zelf uitgevoerd) onderhoud weer een bijzondere rol spelen.

Maak onderscheid tussen drie soorten kilometers: privé, woon-werkverkeer en zakelijk. Houdt u hierbij rekening met de veertigdagenregeling en inventariseer welke forfaitaire reiskostenvergoeding gegeven mag worden als er geen sprake is van een auto van de zaak. Op basis van de categorie privé bepaalt u het percentage van de cataloguswaarde van uw auto dat in principe minimaal bij uw inkomen geteld wordt. De Belastingdienst behoudt overigens volgens de wet het recht om af te wijken van dit fictieve percentage, om de werkelijke kosten bij te tellen!

© Jeroen van Rossum, 8 oktober 2001.